Valrisico bij mensen met verstandelijke beperking

Mensen met verstandelijke beperkingen hebben meer kans om te vallen en daarbij gewond te raken dan mensen zonder verstandelijke beperkingen. Om valpartijen te kunnen voorkómen is het noodzakelijk om te weten hoe het komt dat mensen zo vaak vallen en wat we daar tegen kunnen doen.

Over het onderzoek

 

Lotte Enkelaar deed onderzoek naar het valrisico bij mensen met een verstandelijke beperking met als doel om de belangrijkste risicofactoren voor vallen van ouderen met verstandelijke beperkingen in kaart te brengen en mogelijke interventies om vallen te voorkómen in kaart te brengen. De resultaten zijn beschreven in drie delen: 1) evenwicht en lopen, 2) frequentie en oorzaken van vallen en 3) valpreventie.

 

Evenwicht en lopen


Uit een literatuurstudie blijkt dat evenwicht en lopen bij mensen met verstandelijke beperkingen minder goed is dan bij leeftijdsgenoten zonder verstandelijke beperkingen. Bij mensen met verstandelijke beperkingen ontwikkelt het evenwicht en lopen zich in de jonge jaren minder snel en wordt in latere jaren eerder slechter. Verder is onbekend wat de gevolgen van een minder goed evenwicht en lopen hebben op het risico om te vallen. Ook is nog niet onderzocht of training helpt bij het verbeteren van evenwicht en lopen en of dit er dan voor zorgt dat mensen minder vaak vallen. 

Frequentie en oorzaken van vallen
 

Een jaar lang is van mensen met milde tot matige verstandelijke beperking van 50 jaar of ouder bijgehouden of ze vielen. Hieruit zijn we te weten gekomen dat ouderen met verstandelijke beperkingen vaker vallen dan andere ouderen. In totaal vielen 37 van de 82 deelnemers. Deelnemers vielen gemiddeld een keer per persoon per jaar. Mensen vielen meestal als ze liepen in een bekende omgeving en vaak buiten. De omstandigheden en gevolgen van het vallen waren niet anders bij mensen met verstandelijke beperkingen dan bij andere ouderen. Bij mensen die vielen was er geen verschil tussen oud en jong of tussen man en vrouw. Oorzaken voor vallen bij mensen met verstandelijke beperkingen zijn onderzocht door middel van tests die beweging, begrip, gedrag en gezondheid meten. In totaal hebben 78 volwassenen (50+) met mild tot matige verstandelijke beperkingen deelgenomen. Bijna de helft van de deelnemers vielen. De belangrijkste risicofactoren voor vallen waren: mate van beperking, lichamelijke activiteit, motorische bekwaamheid, focus en hyperactiviteit. Deze factoren verklaarden 56% van het risico op vallen.

 

Valpreventie


Er is onderzocht of door een valspreekuur vallen in de toekomst voorkómen kan worden. Artsen, fysiotherapeuten, verzorgers en mensen met verstandelijke beperkingen zijn gevraagd hoe zij het handboek en de werkwijze van het valspreekuur vonden. Iedereen vond het valspreekuur nuttig en goed te doen. Iedereen was het erover eens dat bij mensen met verstandelijke beperkingen er meer tijd en aandacht nodig is om het risico op vallen te bepalen, er verschillende behandelaars nodig zijn en de behandeling om het vallen te voorkómen moet worden aangepast aan de persoon. 
Ook is onderzocht of vallen voorkómen kan worden door het gebruik van trainingen met een hindernisbaan. Negenendertig mensen met verstandelijke beperkingen hebben een training van tien lessen met een hindernisbaan gevolgd waarin geoefend werd met evenwicht en lopen. Achteraf bleek dat het aantal vallen fors verminderd was. Twee van de drie testen van evenwicht en lopen waren beter na de training dan ervoor. Bij deze groep mensen heeft de training met de hindernisbaan ervoor gezorgd dat mensen minder vielen en een beter evenwicht en lopen kregen.